De dubbele deuren aan de Paul Krugerstraat waren nog oorspronkelijk, maar verkeerden in slechte staat. Vooral de onderkanten en hoeken waren ernstig verrot. Rond het sluitwerk was het hout gescheurd en in de loop van de tijd waren gaten ontstaan die veel groter waren dan voor het beslag nodig was.
Toch is bewust gekozen om de oude deuren niet te vervangen. Het houtwerk was met veel werk nog te herstellen en de deuren hoorden bij het karakter van het pand. De restauratie werd volledig door vrijwilligers uitgevoerd. Alleen de neuten onderaan de deurpartij zijn door een professioneel bedrijf gemaakt.
Boven de deuren zat een grote houten plaat aan pianoscharnieren. Die constructie was ooit bewust zo gemaakt: door de plaat omhoog te kunnen klappen bleef voldoende hoogte beschikbaar om een camper naar binnen te rijden.
Voor langdurig gebruik als gewone entree was een andere oplossing gewenst. De deuren moesten niet alleen worden hersteld, maar ook weer degelijk afsluitbaar worden en de bovenpartij moest een blijvende vorm krijgen die bij het pand en het straatbeeld paste.
Bij het herstel was alleen vullen en schilderen niet voldoende. Verrotte en ontbrekende delen werden uitgezaagd en vervangen door passend gemaakte stukken massief hout. Dat gebeurde niet alleen aan de onderkant van de deuren. Ook beschadigingen rond het sluitwerk en andere delen waar hout ontbrak of gescheurd was, moesten opnieuw worden opgebouwd.
Bij zo'n reparatie moeten nieuwe delen nauwkeurig aansluiten op wat behouden blijft. Vorm, sponningen, glasopeningen en de plaats van het beslag bepalen uiteindelijk of een deur weer goed kan worden afgehangen en gesloten.
De scharnierende houten plaat boven de deuren werd vervangen door een vaste houten bovenpartij met glas. Uit de bestaande situatie was niet met zekerheid af te leiden hoe de oorspronkelijke bovenpartij er precies had uitgezien. De vorm van de opening wees er wel op dat daar eerder een bovenlicht had gezeten.
Daarom is een nieuwe bovenpartij gemaakt die zowel praktisch bruikbaar was als aansloot bij de architectuur van het pand en het straatbeeld in Haarlem. Het houten kozijn, het kalf, de verticale verdeling en de beglazing zijn door vrijwilligers gemaakt en aangebracht.
Ook het sluitwerk moest vrijwel volledig opnieuw worden opgebouwd. In de oude situatie zat er weinig meer dan een normaal slot en een haak waarmee een deur in de vloer kon worden vastgezet. Zonder veel moeite was de deurpartij te forceren.
Er werd daarom nieuw hang- en sluitwerk aangebracht, waaronder een zware driepuntsluiting. Het beslag werd aangepast aan de oude deuren en aan de manier waarop de entree gebruikt moest worden.
Daarbij was het nadrukkelijk de bedoeling dat de deur zich bij normaal gebruik als een winkeldeur zou gedragen: gemakkelijk te openen en weer dicht te laten vallen, zonder telkens het slot met de klink te hoeven bedienen. Daarvoor werd het nieuwe beslag aangepast met een tonrolschoot. Hoe die aanpassing technisch precies is uitgevoerd is niet meer volledig bekend, maar de foto's laten onderdelen van het aangepaste sluitwerk zien.
Na het constructieve herstel volgde de afwerking. De deuren werden voorbereid, gegrond, geschuurd en opnieuw afgelakt. Groen was niet alleen de bestaande kleur van de deuren; er is ook bewust gekozen om die kleur te behouden omdat klassiek groen goed aansluit bij het Haarlemse straatbeeld.
Het schilderwerk maakte zichtbaar wat tijdens het herstel daarvoor grotendeels verborgen werk was geweest. Nieuwe stukken hout gingen weer op in het geheel en de oorspronkelijke deuren konden opnieuw als complete deurpartij worden gebruikt.
Op 16 juli 2013 was de deurpartij volledig gereed. De oorspronkelijke deuren waren behouden, ernstig aangetaste delen waren vervangen door nieuw massief hout, de bovenpartij was opnieuw opgebouwd en voorzien van glas en het sluitwerk was geschikt gemaakt voor dagelijks gebruik van de entree.
De werkplaats bleef tijdens het herstel gewoon in gebruik. Daardoor was dit geen losstaand restauratieproject dat eerst volledig kon worden afgerond voordat ander werk doorging. De verschillende werkzaamheden werden stap voor stap uitgevoerd terwijl de locatie ondertussen bleef functioneren.
Bij herstellen hoeft oud niet automatisch plaats te maken voor nieuw. Deze deuren waren zwaar beschadigd, maar konden door verrot en ontbrekend materiaal gericht te vervangen behouden blijven. Daar kwamen verschillende soorten praktisch werk bij elkaar: houtbewerking, beglazing, metaalwerk, schilderwerk, passen, meten en steeds opnieuw beoordelen wat behouden of opnieuw gemaakt kon worden.
Het resultaat is een duurzame, bruikbare en verzorgde entree voor de werkplaats. Tegelijk laat het zien hoe vrijwilligers over langere tijd samen aan een concrete verbetering van een locatie kunnen werken, terwijl die locatie ondertussen gewoon gebruikt blijft worden.
Wil je zelf praktisch bijdragen? Lees meer over vrijwilligerswerk of bekijk de verzoeken waarvoor op dit moment hulp welkom is.